Gebruik doel en voorkennis
Voor een reis zijn begroetingen, aantallen, tijden en vragen om hulp bruikbaar. Voor een studie kan een andere basis nodig zijn. Kies woorden waarvan je de betekenis en het gebruik kunt controleren. Een frequentielijst kan richting geven, maar vertelt niet alles over jouw persoonlijke taken.
Leer verbindende woorden mee
Naast zelfstandige naamwoorden heb je werkwoorden, vraagwoorden en kleine verbindingswoorden nodig. Met alleen hotel, kamer en ontbijt kun je nog geen volledige vraag maken. Kies daarom korte combinaties en oefen een eenvoudige uitwisseling, inclusief een mogelijk antwoord.
Voorbeelden met uitleg
- Doel: een afspraak maken.
Leer dagen, tijden, beschikbaar zijn en beleefd vragen. - Doel: jezelf voorstellen.
Leer naam, woonplaats, enkele interesses en vervolgvragen. - Alleen namen van exotische dieren.
Kan leuk zijn, maar sluit niet vanzelf aan op dagelijkse gesprekken.
Probeer het zelf
- Kies vijf soorten woorden voor een restauranttaak.
- Waarom zijn alleen zelfstandige naamwoorden onvoldoende?
- Wanneer voeg je specialistische woorden toe?
Bekijk de antwoorden en uitleg
- Begroeting, aantallen, gerechten of dranken, een bestelwerkwoord en een beleefde vraagvorm.
- Je hebt ook relaties en handelingen nodig om zinnen en vragen te maken.
- Wanneer je doel daarom vraagt en de basis voor die situatie bruikbaar is.