Eén begrip bouwen
Een samenstelling bestaat uit delen die samen een nieuw woord vormen. Het laatste deel vertelt meestal wat voor ding je bedoelt: een boekenkast is een kast, een keukentafel is een tafel. Je schrijft de delen normaal aan elkaar.
Een los bijvoeglijk naamwoord dat iets over een zelfstandig naamwoord zegt, vormt niet automatisch een samenstelling. Een groene fiets blijft een woordgroep. Vergelijk ook een grote schooltas: grote is een losse eigenschap, terwijl schooltas het samengestelde zelfstandig naamwoord is.
Lengte is geen reden voor een spatie
In schoolbibliotheek kun je verschillende delen herkennen. Dat maakt het woord niet fout of te lang om aaneen te schrijven. Een spatie toevoegen omdat een woord er druk uitziet, verandert de spelling. Een verduidelijkend koppelteken is in sommige lange samenstellingen wel mogelijk.
Werk in twee beslissingen
Bepaal eerst of je één samengesteld woord of een losse woordgroep nodig hebt. Onderzoek pas daarna of er een tussenletter of verplicht koppelteken bij hoort. Zo houd je drie verschillende vragen uit elkaar. Niet iedere combinatie van twee woorden is vanzelf een nieuw zelfstandig naamwoord; let steeds op de betekenis in de zin.
Probeer het zelf
- Schrijf correct: tuin + stoel; een houten + stoel; fiets + sleutel.
- Wat is het verschil tussen een kleine boekenkast en een klein boek?
Bekijk de antwoorden en uitleg
- Tuinstoel; een houten stoel; fietssleutel. Houten geeft hier een losse eigenschap aan.
- Boekenkast is één samengesteld woord. Kleine en klein beschrijven in deze woordgroepen het zelfstandig naamwoord en staan los.