Een conclusie uit aanwijzingen
In “De zaal is blijkbaar al bezet; alle stoelen zijn weg” trekt de schrijver een conclusie. Blijkbaar betekent hier ongeveer kennelijk. Het woord maakt de conclusie niet onfeilbaar: je baseert je op wat je ziet of weet, en je kunt je vergissen.
Een indruk die niet met de werkelijkheid overeenkomt
In “De schijnbaar lege kamer bleek vol dozen te staan” is de eerste indruk misleidend. Schijnbaar kan in het taalgebruik ook dicht bij blijkbaar komen. Vermijd daarom een kunstmatige regel dat elk afwijkend gebruik fout is. Schrijf bij belangrijke informatie liever precies wat je weet: de kamer lijkt leeg, maar achter het scherm staan dozen.
Voorbeelden met uitleg
- Ze draagt haar jas: ze gaat blijkbaar weg.
De spreker leidt het vertrek af uit een aanwijzing. - Zijn schijnbare kalmte verborg grote spanning.
De kalmte was vooral een indruk van buitenaf. - Het lijkt stil, maar boven wordt nog gewerkt.
Een expliciete formulering voorkomt twijfel over schijnbaar.
Probeer het zelf
- Kies voor een misleidende indruk: De ... eenvoudige opdracht kostte ons een uur.
- Maak voorzichtiger: Hij is blijkbaar boos.
- Is blijkbaar hetzelfde als onomstotelijk bewezen?
Bekijk de antwoorden en uitleg
- Schijnbaar: eenvoudig is hier de eerste indruk, niet de uiteindelijke ervaring.
- Bijvoorbeeld: hij antwoordt kort; ik denk dat hij boos is. Je scheidt de waarneming van je interpretatie.
- Nee. Het presenteert een conclusie als aannemelijk op grond van aanwijzingen, niet als gegarandeerd feit.