Talenkoning · Frans

Être en avoir: zijn en hebben in het Frans

Être betekent zijn en avoir hebben. Beide zijn onregelmatig en worden ook als hulpwerkwoord gebruikt. Hun vormen komen in zoveel zinnen terug dat het loont ze vroeg te oefenen. Let op vaste Franse combinaties zoals avoir faim en avoir vingt ans.

Être en avoir: zijn en hebben in het Frans

De tegenwoordige vormen

Être: je suis, tu es, il/elle/on est, nous sommes, vous êtes, ils/elles sont. Avoir: j’ai, tu as, il a, nous avons, vous avez, ils ont. De geschreven vormen kunnen op elkaar lijken, maar zijn niet uitwisselbaar: ils sont en ils ont betekenen iets anders.

Niet altijd letterlijk vertalen

J’ai trente ans betekent ik ben dertig jaar oud. J’ai faim betekent ik heb honger; j’ai froid dat ik het koud heb. Gebruik je suis professeur voor een beroepsaanduiding zonder beschrijving. Een uitdrukking leer je daarom liefst als volledige zin, niet via één Nederlands werkwoord.

Voorbeelden met uitleg

  • Nous sommes dans le jardin.
    Être bij een plaats.
  • Vous avez un stylo ?
    Avoir bij bezit.
  • Elle a vingt ans.
    Leeftijd met avoir.
  • Ils sont fatigués.
    Een toestand met être.

Probeer het zelf

  1. Vul in: Tu ___ ici.
  2. Vul in: Nous ___ deux billets.
  3. Vertaal: Ik ben 18 jaar oud.
  4. Verbeter: Je suis faim.
Bekijk de antwoorden en uitleg
  1. Es.
  2. Avons.
  3. J’ai dix-huit ans.
  4. J’ai faim. De Franse combinatie gebruikt avoir.

Ontdek ook