Een genoemd het-woord
Voor verzorgde standaardtaal kies je dat bij een enkelvoudig het-woord: “Het schilderij dat daar hangt, is gerestaureerd.” Wat hoor je in Nederland ook bij zulke verwijzingen, vooral informeel. Voor deze schrijfopdracht gebruik je de standaardkeuze, zodat je antwoord niet van een spreektaalvoorkeur afhangt.
Een complete gebeurtenis
Lees: “De trein vertrok te vroeg, wat voor verwarring zorgde.” Wat verwijst hier niet naar trein, maar naar de hele gebeurtenis: het te vroege vertrek. Je kunt de verwijzing controleren door te vragen wat de verwarring veroorzaakte. Dat is meer dan één zelfstandig naamwoord.
Niet overal is maar één antwoord goed
Na alles zijn zowel alles wat als alles dat mogelijk. Wat is daar doorgaans de gebruikelijkere vorm. Ook bij bijvoorbeeld het mooiste kunnen beide voorkomen; de context kan een specifieke of algemenere betekenis geven. Leer dus niet de te strenge regel dat dat uitsluitend na zelfstandige naamwoorden mag staan. Noteer bij een oefening eerst het type verwijzing. Daarmee kun je uitleggen waarom één oplossing verplicht is, of waarom meerdere antwoorden verdedigbaar zijn.
Oefen met deze voorbeelden
- Vul in: “Het scherm ... ik gebruik, is klein.”
- Waarnaar verwijst wat in “De brug bleef dicht, wat ons verbaasde”?
Antwoorden met uitleg
- Dat: scherm is een benoemd, enkelvoudig het-woord.
- Naar het dichtblijven van de brug: de hele voorafgaande mededeling, niet alleen naar het woord brug.