Talenkoning · Begrijpend lezen

Feiten, meningen en argumenten onderscheiden

Een schrijver kan iets controleerbaars beweren, een oordeel geven en dat oordeel onderbouwen. Die functies kunnen in één alinea naast elkaar voorkomen.

Feiten, meningen en argumenten onderscheiden

Controleerbare bewering of oordeel?

“Het plein heeft twaalf banken” is een feitelijke bewering: je kunt proberen haar te controleren. “Het plein is het gezelligste van de stad” is een waarderend oordeel. Een feitelijke bewering is niet automatisch waar doordat ze feitelijk klinkt. Eerst controleren blijft nodig.

Waarmee wordt een standpunt ondersteund?

Lees: “Er moeten meer banken op het plein komen, want tijdens de markt moeten veel bezoekers blijven staan”. Het eerste deel is het standpunt. Het tweede geeft een argument. Om de redenering te beoordelen, kun je onderzoeken of die waarneming klopt en of extra banken een passende oplossing zijn.

Een argument kan verschillende inhoud hebben

Een reden kan gebaseerd zijn op een controleerbaar gegeven, maar ook op een waarde zoals comfort of eerlijkheid. Het label argument vertelt welke taak de uitspraak in de redenering vervult. Het zegt op zichzelf nog niet hoe sterk de onderbouwing is.

Markeer bij het oefenen eerst het oordeel of voorstel. Zoek daarna welk deel dat ondersteunt. Zet ten slotte bij controleerbare claims hoe je ze zou kunnen nagaan. Zo voorkom je dat je elke zin met want overtuigend vindt of elke persoonlijke formulering zonder onderzoek terzijde schuift.

Oefen met deze voorbeelden

  1. Is “De zaal heeft tachtig stoelen” een mening of een feitelijke bewering?
  2. Wat is het argument in “Laten we vroeger beginnen, want de zaal sluit om negen uur”?
Antwoorden met uitleg
  1. Een feitelijke bewering. Het aantal is controleerbaar, maar moet nog wel kloppen.
  2. Dat de zaal om negen uur sluit. Die tijd wordt als reden voor een eerdere start gebruikt.

Ontdek ook